Projecten






Verslag: Bert van den Linden




Annie Dortmans, een bouwmeester.

Wat het meest blijft hangen na het bekijken van het werk van Annie zijn de schilderijen die iets van architectuur laten zien. De meest tot de verbeelding sprekende schilderijen bestaan uit illusies van het exterieur of het interieur van bouwwerken of gedeelten daarvan. Annie's werk is als lopen in een stad, op een industrieterrein, of in een verlaten fabriekshal. Grote lege hallen, waar achter iedere open deur weer een andere ruimte opdoemt. Het roept een raadsel op: waar bevinden we ons? Maar die omgeving heeft ook een ontnuchterende betekenis, het beklemtoont het gewone van een gebouw. Zoals een kennelijk niet meer gebruikte ruimte in Stikstoffabriek, waarvan alleen al de studieschets als een volwaardig eindproduct kan worden beschouwd.



Stikstoffabriek, olieverf/inkt/gemengde techniek, 120x100cm, 2008.

De buitenaanzichten van gebouwen doen een beetje denken aan de in harde schaduwen gevatte stadsgezichten van Giorgio de Chirico. De doorkijkjes herinneren aan de blik die een schilder als Pieter de Hoogh ons gunt in een door hem geconstrueerd zestiende-eeuws Hollands interieur. Maar in het werk van Annie zijn helemaal geen menselijke figuren of voorwerpen te zien. Alles is gereduceerd tot een registratie van pure materie.


Zij laat zich inspireren door beelden die zij op haar netvlies krijgt. De aan de werkelijkheid ontleende vormen weet zij vervolgens te abstraheren en om te zetten in sfeervolle voorstellingen in het platte vlak. Door het uitgekiende gebruik van perspectief is het alsof je als beschouwer ruimtes betreedt waar je nooit eerder bent geweest. Annie leidt ons via een tweedimensionale weg binnen in een driedimensionale wereld; je wordt vanzelf de diepte ingetrokken. Dat je door de opbouw van sommige schilderijen gedwongen bent de wereld vanuit een wat verwrongen hoek te bekijken, maakt het alleen maar spannender. Van een snipper papier maakt zij een driedimensionale vorm, en zulke vormen liggen weer ten grondslag aan haar werk in het platte vlak. De met potlood en krijt daarin aangebrachte accenten en schetsjes, soms op de voorgrond tredend, dan weer wijkend, verraden haar architectonische inslag. Wat zij ziet, brengt zij als een ware bouwmeester terug tot een architecturale weergave. Het verschil met de bouwmeester is dat zij geen ontwerpen schept uit het niets, maar bestaande beelden transformeert. Met een afwisseling van licht en donker, grote en kleine elementen, geometrische patronen en subtiele, grillige toevalligheden, soms niet meer dan vlekjes op de kaart, stelt zij een nieuwe omgeving samen. Daarbij kan een schijnbaar slordige verftoets die ineens naar voren komt op een strak geschilderd gedeelte van een voorstelling zomaar verschillende associaties oproepen.


Het planmatige schuiven met rechthoeken, driehoeken en lijnen komt ook naar voren in een serie collages, meestal gemaakt in een formaat ter grootte van een flinke boekenkaft. Rust en gelijkmatigheid kenmerken deze abstracte, in contrasterende kleuren - vooral wit en bruin - samengestelde, blokachtige composities, die heel doordacht en secuur als een soort ingelijste kijkkastjes gemaakt zijn.




Collage, gemengde techniek, 30 x 30 cm, 2008.

De stijl van schilderen is vrij, speels, haast impressionistisch. Een losse, brede, veegachtige toets, gemakkelijk geschilderd, ook al is er waarschijnlijk veel afplakwerk bij komen kijken. Aan de ene kant is te zien dat hier niet zomaar iemand, maar een bevlogen kunstenaar met een gedegen academische opleiding aan het werk is geweest. Aan de andere kant verhindert haar dat niet om op een eigen, gedurfde wijze het penseel en het paletmes te hanteren. Zulke schilderijen kun je niet maken zonder veel plezier in het vak. Het is artistiek werk om van te genieten, als maker en als kijker. De schilderijen zijn niet omlijst, en dat hoeft ook niet, ze spreken voor zichzelf.


Voor de toepassing van niet-traditionele techniek is Annie niet bevreesd. Op Bouwplaats is de stiknaad van een doek die in een vorig leven deel uitmaakte van een tent nog goed te zien. Dit zijn details die het werk boeiend maken om naar te kijken. De kleurkeuze is uitgebalanceerd in een scala van tinten die op een harmonieuze wijze tot een geheel zijn samengesmeed. Stikstoffabriek komt bij de eerste aanblik over als een groen schilderij, maar in feite is het een combinatie van allerlei groenen, van appelgroen tot veronesegroen, en van kopergroen tot mosgroen. Naast groen en blauw zien we vooral vooral donkerrood, bruin, zelfs bruine teer, en zwart.



Vlechtwerk, olieverf/gemengde techniek, 100 x 80 cm, 2009.

De textuur en gelaagdheid van het werk zijn opvallend, niet in het minst door het plakken van papier, fotorestanten en ander ooit als waardeloos beschouwd materiaal. Hierin komt het creatieve talent volledig tot zijn recht. De olieachtige plekken en het craquelé in Vlechtwerk zijn een voorbeeld van de wonderlijke, onverwachte effecten die optreden wanneer je vrijuit aan het creëren slaat. De finishing touch bestaat uit intrigerende titels, die bij nadere inspectie refereren aan plekken die Annie misschien ooit heeft bezocht. Haar kunst lijkt een persoonlijk verslag van wat ze daar heeft ervaren.



Bert van der Linden, februari 2011.

terug naar boven